I gave up dreaming for a while

Just another WordPress.com weblog

{Wat ze zei mocht dan wel volstrekt onlogisch klinken stiekem hoopte ik er wel op maar dat vertelde ik haar natuurlijk niet}

with 2 comments

Deeltje 6(?)Vorige: verderscrollen of previous entries.

Het huis was kil. Hij rilde onbewust, ging opzoek naar een trui, maar gaf het algauw op. In zijn T-shirt zou hij het ook wel overleven. Lusteloos probeerde hij te bedenken waar hij nu heen moest. Thuisblijven leek hem niet echt een optie, hij zou verdrinken in zijn eenzaamheidsgevoel en met enkel Kat als gezelschap wist hij dat hij morgen zou ontwaken zoals hij zich nu voelde: leeg. Haar ouders? Zijn ouders? Eender welke familie? Hij bleef verloren naast de sofa staan en ging uiteindelijk langzaam zitten. De telefoon begon te rinkelen, als een ongenode gast die hij liever ver weg zou schoppen. Hij liet het toestel begaan. Geen gasten vanavond. Toch maar thuisblijven dus, dat was nu eenmaal veel rustiger. En veiliger, dat natuurlijk ook. Hij probeerde te bedenken wat hij kon eten, maar slaagde daar niet echt in. Uiteindelijk hield hij het op de diepvriesmaaltijd die hij voor gisteren gepland had. Het smaakte hem niet, maar hij at het op. Omdat zij hem had gezegd dat hij goed op zichzelf moest passen.

Iets na middernacht werd hij wakker uit zijn droomloze slaap. Geen nachtmerries, geen spoken. Hij keek naar het plafond, toen naar de deur. Die stond op een kier, zodat Kat naar binnen kon komen als die dat wou. Doorheen de kier kon hij een vage schaduw zien. Hij probeerde zichzelf wijs te maken dat het vast niets was, maar dat wou niet echt lukken en uiteindelijk dwong hij zichzelf overeind te komen. De vloer voelde koud aan aan zijn voeten en hij wenste dat hij die trui toch gevonden had. Niet dat hij met die trui aan zou zijn gaan slapen. Ach, wat deed het er ook toe. Het liefst was hij gewoon gestopt met denken, maar zelfs dat leek nutteloos. Met een zucht trok hij de slaapkamerdeur volledig open. Poef. Luchtgeest ontmaskerd. Er stond niemand in de gang, natuurlijk niet. Hij ging terug liggen en probeerde in te slapen, maar dat bleek hopeloos. Kat kwam hem vergezellen, rolde zich gezellig tegen de knuffelbeer en lag hem op die manier aan te kijken. Hij draaide zich om. Even geen troostende huisdieren, anders ging hij zich te zielig voelen en dat was niet de bedoeling. Om halfeen, toen hem duidelijk werd dat de kans dat hij de slaap zou vatten zeer klein was, kwam hij weer overeind en ging aan het raam staan. Eigenlijk snakte hij naar een tas koffie, al lustte hij dat niet. Misschien dat hij hoopte dat koffie hem gemakkelijker door de moeilijkste momenten heen zou helpen, hij wist het niet. Want ja, de nachten waren wel het zwaarst. Dat had hij op voorhand kunnen bedenken en dat ondervond hij nu. Hij liep naar de keuken, met Kat op zijn hielen en vroeg zich af of dat dier niet moest slapen. Het licht was te fel aan zijn ogen, dus liet hij het uit en ging in het donker aan tafel zitten. Aan haar plaats. Hij voelde zich bijna een heidene toen hij dat deed, maar deed het wel. Hij had het eventjes nodig dicht bij haar te zijn en hij hoopte dat het zou helpen. Eventjes bleef hij voor zich uit staren. Het hielp niet.

Liefs.

Written by bloempot

juni 29, 2007 bij 3:41 pm

Geplaatst in Krabbeltjes

2 Reacties

Schrijf je in op reacties met RSS.

  1. Dat meiske moet naar huis komen want de jongen is héél eenzaam, en dat meiske, ik wil weten voor wat die in het ziekenhuis ligt, en of die daar nog lang moet ligen en en en en
    weet je wat?
    Schrijf gewoon héééééél snel hééél veel verder
    dan heb ik ook nog eens interessante lectuur
    Groetjes

    Evy

    juni 29, 2007 op 6:49 pm

  2. segt mooii !!
    nu benk wel van in begin aant leze gweest !!
    al da er sommige dinge wel no wa onduidlyk zyn !
    schryf mr snel verdr,, tis egt eel mooii zuhh !!

    Tineeeeeee

    juli 1, 2007 op 12:35 pm


Reageer